THE MERCK MANUAL MEDICAL LIBRARY: The Merck Manual of Medical Information--Home Edition
Tips for better results

Section

Subject

Topics

Introductie

Juveniele chronische artritis (ook wel aangeduid als ‘jeugdreuma') is een blijvende of terugkerende gewrichtsontsteking die veel overeenkomsten vertoont met reumatoïde artritis (see Reumatoïde artritis), maar die voor de leeftijd van 16 jaar begint.

Juveniele chronische artritis is een niet vaak voorkomende ziekte die door gewrichts- of bindweefselontsteking wordt gekenmerkt. De oorzaak is onbekend. Hoewel juveniele chronische artritis niet als een erfelijke aandoening wordt beschouwd, kunnen erfelijke factoren het risico vergroten dat de aandoening bij een kind ontstaat.

Symptomen en complicaties

Er zijn diverse vormen van juveniele chronische artritis, elk met verschillende kenmerken. Het type juveniele chronische artritis wordt bepaald door de symptomen die gedurende de eerste maanden van de ziekte ontstaan en door het aantal gewrichten dat wordt aangetast.

Bij oligoarticulaire juveniele chronische artritis zijn vier of minder gewrichten aangetast, meestal die van het been. Gewoonlijk doen symptomen zich het eerst voor in de knie. De heupen en schouders worden meestal niet aangedaan. Incidenteel kan een teen, vinger, pols of kaak stijf en gezwollen worden. Ook in de rug kunnen symptomen optreden. De gewrichtspijn en ‑zwelling kunnen blijvend zijn of opkomen en weer verdwijnen.

Bij polyarticulaire juveniele chronische artritis zijn vijf of meer (soms wel 20 tot 40) gewrichten aangetast. Meestal zijn dezelfde gewrichten aan beide zijden van het lichaam ontstoken, bijvoorbeeld beide knieën of beide heupen. De kaak, halsgewrichten en polsen kunnen zijn aangedaan. De symptomen kunnen geleidelijk ontstaan. Er kan koorts optreden en de milt of lymfeklieren kunnen groter worden. De pezen en het bindweefsel rond de gewrichten kunnen ontstoken raken (tendosynoviitis of peesschedeontsteking), met pijn, zwelling en warmte als gevolg.

Bij de systemische vorm van de aandoening (ziekte van Still) kan een willekeurig aantal gewrichten ontstoken zijn. Bij deze vorm treedt ontsteking niet alleen in de gewrichten op, maar ook op andere plaatsen. De lever, milt en lymfeklieren kunnen groter worden en soms treedt ontsteking op in het vlies rond het hart (pericarditis). In zeldzame gevallen raken de nieren ontstoken. Voorafgaand aan de gewrichtspijn en ‑zwelling kunnen hoge koorts en huiduitslag optreden. De koorts komt op en zakt weer, doorgaans gedurende minstens twee weken. De temperatuur is meestal 's middags of 's avonds het hoogst (39,5 °C of hoger) om daarna weer snel naar het normale niveau te zakken. Een kind met koorts kan zich moe en futloos voelen. Er verschijnt (vaak 's avonds) een uren aanhoudende niet-verheven, roze of zalmkleurige huiduitslag, voornamelijk op de romp en de bovenbenen en ‑armen. De uitslag kan enkele dagen later op een ander gedeelte van het lichaam verschijnen.

Bij elke vorm van juveniele chronische artritis kunnen de gewrichten bij het ontwaken stijf zijn. De gewrichten raken vaak gezwollen en voelen warm aan. Later kunnen de gewrichten pijnlijk worden, maar de pijn is soms minder erg dan op grond van de zwelling wordt verwacht. De pijn kan verergeren wanneer het gewricht wordt bewogen. Het kind wil mogelijk liever niet lopen. Gewrichtspijn houdt vaak weken of maanden aan.

Alle vormen van juveniele chronische artritis kunnen de groei belemmeren. Vaak ontstaan er gewrichtsmisvormingen. Wanneer juveniele chronische artritis de kaakgroei belemmert, kan een terugwijkende kin (micrognathie) het gevolg zijn. Langdurige (chronische) gewrichtsontsteking kan uiteindelijk de oorzaak zijn van misvormingen of blijvende beschadiging van het aangedane gewricht.

Ontsteking van de iris (iridocyclitis) kan bij elk vorm van deze aandoening optreden, maar iridocyclitis ontstaat het vaakst bij oligoarticulaire en polyarticulaire juveniele chronische artritis. Iridocyclitis kan rode ogen, pijn in de ogen of verlies van gezichtsvermogen veroorzaken, maar kan ook zonder symptomen verlopen. Zonder behandeling kan iridocyclitis tot blijvende beschadiging van het oog leiden.

Diagnose

De diagnose ‘juveniele chronische artritis' wordt gesteld op basis van de symptomen bij het kind en de uitslag van een lichamelijk onderzoek. Er bestaat geen specifiek laboratoriumonderzoek voor juveniele chronische artritis. Het bloed wordt onderzocht op de reumafactor en op antinucleaire antilichamen, die worden aangetroffen bij sommige mensen met reumatoïde artritis en verwante ziekten (bijvoorbeeld auto-immuunziekten als lupus, polymyositis of sclerodermie). Bij veel kinderen met juveniele chronische artritis worden echter geen reumafactor of antinucleaire antilichamen in het bloed aangetroffen. Ook kunnen kinderen met veel andere aandoeningen reumafactor of antinucleaire antilichamen in hun bloed hebben. Uiteindelijk kunnen op röntgenfoto's de kenmerkende veranderingen van de botten of gewrichten zichtbaar zijn. Het kind moet regelmatig door een oogarts op iridocyclitis worden onderzocht, ongeacht of er symptomen zijn of niet.

Behandeling en prognose

De verschillende vormen van juveniele chronische artritis worden op dezelfde manier behandeld en de geneesmiddelen die worden gebruikt om pijn en ontsteking te verminderen, zijn dezelfde als die voor reumatoïde artritis. (see Prognose en behandeling)

Kinderen met juveniele chronische artritis moeten echter vaak ook worden behandeld voor iridocyclitis. Iridocyclitis wordt behandeld met oogdruppels of zalf met corticosteroïden om de ontsteking te onderdrukken. Oogdruppels die de pupil verwijden, kunnen de door iridocyclitis veroorzaakte pijn in het oog verminderen. Beide typen geneesmiddelen kunnen glaucoom en blindheid voorkomen. Bij ongewoon ernstige iridocyclitis is mogelijk een oogoperatie nodig.

Evenals bij reumatoïde artritis bij volwassenen worden bij kinderen behandelingen zonder geneesmiddelen toegepast, bijvoorbeeld spalken en oefeningen om de gewrichten soepel te houden en blijvende verstijving tegen te gaan.

Bij een groot aantal kinderen met juveniele chronische artritis verdwijnen de symptomen van de aandoening volledig. Tot de helft van de kinderen met oligoarticulaire juveniele chronische artritis en een kwart of meer van de kinderen met de polyarticulaire of de systemische vorm van de aandoening hebben een volledige remissie.

Last full review/revision February 2003

Back to Top

Previous: Introductie

Next: Introductie

Figures
Tables
Disclaimer