THE MERCK MANUAL MEDICAL LIBRARY: The Merck Manual of Medical Information--Home Edition
Tips for better results

Section

Subject

Topics

Tijdelijke tachypneu

Tijdelijke tachypneu (tijdelijk versnelde ademhaling, ook wel aangeduid als ‘neonataal wet lung-syndroom') is een tijdelijke toestand van ademhalingsproblemen en een lage zuurstofconcentratie in het bloed als gevolg van een teveel aan vocht in de longen na de geboorte.

Deze aandoening komt gewoonlijk voor bij kinderen die voldragen zijn of enkele weken te vroeg zijn geboren. Tijdelijke tachypneu doet zich vaker voor na een keizersnede. De aandoening treedt vooral op als de moeder voor de bevalling geen weeën heeft gehad (bijvoorbeeld als de moeder een geplande keizersnede heeft ondergaan).

Voor de geboorte zijn de longblaasjes met vocht gevuld. Onmiddellijk na de geboorte moet het vocht uit de longen worden verwijderd zodat de longblaasjes zich met lucht kunnen vullen en de pasgeborene met de normale ademhaling kan beginnen. Een deel van het vocht wordt uit de longen geperst door de druk op de borst tijdens een bevalling via de vagina. Een groot deel van het vocht wordt snel direct geabsorbeerd door de cellen die de longblaasjes van binnen bedekken, van waaruit het onmiddellijk aan de bloedbaan wordt afgegeven. Als het vocht niet snel wordt afgevoerd, blijft het gedeeltelijk achter in de longblaasjes en heeft de pasgeborene ademhalingsproblemen.

Een pasgeborene met tijdelijke tachypneu heeft ademnood waarbij hij snel ademt en de borstkas bij het inademen intrekt, bij het uitademen een kreunend geluid maakt en mogelijk een blauwachtige verkleuring van de huid (cyanose) vertoont als de zuurstofconcentratie in het bloed daalt. Een röntgenfoto van de borstkas brengt afwijkingen aan het licht.

De meeste kinderen met tijdelijke tachypneu herstellen volledig binnen 2 tot 3 dagen. Zuurstoftoediening is vaak noodzakelijk, al kunnen sommige kinderen continue positieve luchtwegdruk nodig hebben (de Engelse term hiervoor is ‘CPAP, continuous positive airway pressure') of ondersteuning van de ademhaling door middel van een beademingsapparaat. Het kind kan dan uit zichzelf uitademen tegen een positieve zuurstofdruk of lucht die via in een of beide neusgaten ingevoerde slangen wordt toegediend.

Last full review/revision February 2003

Back to Top

Previous: Ademnoodsyndroom

Next: Meconiumaspiratiesyndroom

Figures
Tables
Disclaimer