THE MERCK MANUAL MEDICAL LIBRARY: The Merck Manual of Medical Information--Home Edition
Tips for better results

Section

Subject

Topics

Aortaklepstenose

Bij aortaklepstenose is de opening van de aortaklep vernauwd, waardoor het bloed minder gemakkelijk van de linker kamer naar de aorta kan stromen.Bij aortaklepstenose wordt de wand van de linker kamer meestal dikker, doordat de kamer harder moet werken om het bloed door de vernauwde klepopening in de aorta te pompen. De verdikte wand neemt een deel van de ruimte binnen de kamer in beslag, waardoor het inwendige van de kamer kleiner wordt. De verdikte hartspier heeft steeds meer bloed nodig, dat via de kransslagaders moet worden aangevoerd en uiteindelijk zal de bloedtoevoer tekortschieten. Door een gebrekkige bloedtoevoer kan de hartspier worden beschadigd. Een beschadigd hart kan niet meer voldoende bloed rondpompen om in de behoefte van het lichaam te voorzien, waardoor hartfalen ontstaat.

In Noord-Amerika en West-Europa komt aortaklepstenose vooral bij ouderen voor en is een gevolg van de vorming van littekenweefsel en de ophoping van calcium (verkalking) in de slippen van de klep. In dergelijke gevallen ontwikkelt de aortaklepstenose zich na het zestigste levensjaar, maar de eerste symptomen ontstaan meestal pas op een leeftijd van 70 of 80 jaar. Aortaklepstenose kan ook ontstaan als gevolg van acuut reuma opgelopen op de kinderleeftijd. In dit laatste geval gaat de aortaklepstenose gewoonlijk gepaard met mitralisstenose, mitralisinsufficiëntie of beide.

Bij jongere patiënten is de meest voorkomende oorzaak een aangeboren afwijking, zoals een klep met slechts twee in plaats van drie slippen of een klep met een afwijkende trechtervorm (see Aortaklepstenose). De vernauwde klepopening hoeft op de zuigelingenleeftijd geen problemen op te leveren, maar wordt wel problematisch naarmate het kind groeit. De klepopening blijft even groot, maar het hart groeit en wordt steeds groter aangezien het steeds meer bloed door de nauwe opening probeert te pompen. In de loop der jaren wordt de opening van een afwijkende klep vaak stugger en nauwer als gevolg van kalkafzetting.

Symptomen en diagnose

Tijdens lichamelijke inspanning krijgt de patiënt pijn op de borst doordat de vergrote hartspier niet voldoende bloed krijgt. Dit leidt uiteindelijk tot hartfalen, waardoor de patiënt bij inspanning snel vermoeid of kortademig wordt.

Patiënten met ernstige aortaklepstenose kunnen tijdens lichamelijke inspanning flauwvallen doordat hun bloeddruk plotseling kan dalen. Deze plotselinge bloeddrukdaling treedt op doordat de slagaders in de skeletspieren tijdens inspanning wijder worden zodat ze meer zuurstofrijk bloed kunnen bevatten. Door de vernauwde klepopening kan de linker kamer echter onmogelijk voldoende bloed rondpompen om deze verwijding te compenseren. Aangezien patiënten met ernstige aortaklepstenose plotseling kunnen overlijden, mag behandeling niet worden uitgesteld.

De beschadigde aortaklep kan door bacteriën worden geïnfecteerd, waardoor infectieuze endocarditis ontstaat.

De diagnose wordt meestal gesteld op grond van een kenmerkend hartgeruis dat met een stethoscoop kan worden beluisterd, afwijkingen in de polsslag en de resultaten van elektrocardiografie die duiden verdikking van de hartwand. Bij patiënten die last hebben van pijn op de borst, kortademigheid of flauwvallen, is echocardiografie (see Echocardiografie en andere echografische procedures) de beste methode om de dikte van de wand van de linker kamer te bepalen. Met echocardiografie kan de arts controleren hoe snel de wand van de linker kamer dikker wordt. Met kleurendopplerechocardiografie worden de verschillende snelheden waarmee het bloed door de vernauwde klepopening stroomt, afgebeeld in verschillende kleuren, waaruit kan worden afgeleid hoe nauw de klepopening is. Met hartkatheterisatie (see Hartkatheterisatie en coronairangiografie) kan precies worden bepaald hoe nauw de opening is en ook of de kransslagaders vernauwd zijn als gevolg van coronaire hartziekte.

Behandeling

Volwassenen die lijden aan aortaklepstenose, maar geen symptomen hebben, dienen op gezette tijden bij hun arts op controle te komen en dienen overmatige inspanning te vermijden. Met behulp van echocardiografie worden dan regelmatig de grootte van het hart en de klepwerking gecontroleerd. Als de afmeting van het hart aanzienlijk toeneemt of de klepwerking afneemt, kan de arts een operatie aanbevelen.

Bij volwassen patiënten met aortaklepstenose die tijdens lichamelijke inspanning last hebben van flauwvallen, pijn op de borst of kortademigheid, wordt de aortaklep operatief vervangen, bij voorkeur vóórdat de linker kamer onherstelbaar wordt beschadigd. Aan de hand van regelmatig uitgevoerde echocardiografie kan de arts bepalen wanneer de operatie moet worden gepland. Voorafgaand aan de operatie wordt hartfalen (te herkennen aan kortademigheid) behandeld met vochtafdrijvende middelen (see Preventie en behandeling). Operatieve vervanging van de afwijkende hartklep is de beste behandeling voor volwassenen, ongeacht hun leeftijd. Na de klepvervanging zijn de vooruitzichten uitstekend. Patiënten met een klepprothese dienen vóór chirurgische, tandheelkundige of andere medische ingrepen antibiotica te gebruiken (see Infectieuze endocarditisFigures) om het risico van een hartklepinfectie (infectieuze endocarditis) te verkleinen.

Kinderen met een ernstige stenose worden soms al geopereerd voordat er symptomen ontstaan, omdat zij soms plotseling kunnen overlijden zonder voorafgaande symptomen. Veilige, effectieve alternatieven voor klepvervanging zijn chirurgisch herstel van de klep en ballonvalvuloplastiek. Bij ballonvalvuloplastiek wordt een katheter met een ballonnetje aan het uiteinde via een ader tot in het hart opgevoerd (Hartkatheterisatie en coronairangiografie). Zodra het ballonnetje zich in de klep bevindt, wordt het opgeblazen om de klepopening op te rekken. Wanneer de kinderen volgroeid zijn, moet de klep meestal echter alsnog worden vervangen. Bij volwassenen treedt de stenose na ballonvalvuloplastiek altijd opnieuw op. Daarom wordt deze procedure alleen toegepast bij ouderen die te zwak zijn om een operatie te ondergaan.

Last full review/revision February 2003

Back to Top

Previous: Aortaklepinsufficiëntie

Next: Tricuspidalisinsufficiëntie

Figures
Tables
Disclaimer