THE MERCK MANUAL MEDICAL LIBRARY: The Merck Manual of Medical Information--Home Edition
Tips for better results

Section

Subject

Topics

Orthostatische hypotensie

Orthostatische hypotensie is een zeer sterke daling van de bloeddruk die optreedt wanneer iemand rechtop gaat staan. Dit resulteert in een verminderde bloedtoevoer naar de hersenen en in duizeligheid of flauwvallen.

Orthostatische hypotensie komt vooral voor bij ouderen.

Orthostatische hypotensie is geen specifieke ziekte, maar houdt in dat het lichaam veranderingen in de bloeddruk niet snel genoeg kan compenseren. Wanneer iemand plotseling opstaat, verzamelt zich onder invloed van de zwaartekracht ongeveer een halve liter extra bloed in de aders van de benen en het onderlichaam. Als gevolg daarvan wordt er minder bloed teruggevoerd naar het hart en wordt er dus ook minder door het hart weggepompt, waardoor de bloeddruk daalt. Normaal reageert het lichaam snel op een bloeddrukdaling: het hart gaat dan sneller en krachtiger kloppen om meer bloed weg te pompen en de kleine slagaders vernauwen zich zodat het bloed meer weerstand ondervindt (see Lage bloeddruk). Als deze compensatiemechanismen niet goed of te traag functioneren (wat beide vaak het geval is bij ouderen), kan er orthostatische hypotensie optreden.

Oorzaken

Orthostatische hypotensie wordt veroorzaakt door factoren die van invloed zijn op de compensatiemechanismen waarmee het lichaam de bloeddruk regelt. Daartoe behoren allerlei aandoeningen en geneesmiddelen, maar ook normale leeftijdsgebonden veranderingen.

Sommige aandoeningen veroorzaken orthostatische hypotensie doordat het hart niet in staat is zijn pompvermogen voldoende te verhogen als de patiënt rechtop gaat staan. Dit kan het gevolg zijn van een hartaandoening, zoals een ritmestoornis of een klepaandoening. Ook is het lichaam naarmate het ouder wordt, minder goed in staat de hartfrequentie (en dus de hoeveelheid rondgepompt bloed) te verhogen wanneer iemand rechtop gaat staan.

Sommige aandoeningen veroorzaken orthostatische hypotensie door vermindering van het bloedvolume. Bij gebruik van vochtafdrijvende middelen (diuretica) als behandeling van hoge bloeddruk wordt er vocht uit het lichaam uitgescheiden, waardoor het bloedvolume afneemt. Daarom zijn vochtafdrijvende middelen, vooral krachtige middelen in hoge doses, een veelvoorkomende oorzaak van orthostatische hypotensie. Verder kan het bloedvolume afnemen door bloeding of door vochtverlies door ernstig braken, diarree, overmatige transpiratie of urineproductie (een veelvoorkomend symptoom bij diabetes mellitus of de ziekte van Addison). Uitdroging bij ziekte is bij ouderen een veelvoorkomende oorzaak van een afgenomen bloedvolume dat leidt tot orthostatische hypotensie. Zieken kunnen zonder hulp soms niet voldoende vocht tot zich nemen. Bovendien worden tijdens ziekte de beenspieren niet regelmatig gebruikt. Hierdoor hoopt zich bloed op in de beenaders dat niet naar het hart wordt teruggepompt (see Aandoeningen van aders). Doordat dan minder bloed naar het hart wordt teruggevoerd, daalt in feite het bloedvolume, en bijgevolg, de bloeddruk.

Sommige aandoeningen veroorzaken orthostatische hypotensie door verwijding van de kleine slagaders en de aders. Ook geneesmiddelen die de kleine slagaders verwijden (vasodilatatoren), kunnen orthostatische hypotensie veroorzaken. Tot deze middelen behoren nitraten, calciumantagonisten, angiotensine-converterend-enzymremmers (ACE-remmers), angiotensine-II-antagonisten, alfablokkers, alcohol en antidepressiva. Bij aandoeningen als diabetes mellitus, amyloïdose en ruggenmergletsel kunnen de zenuwen beschadigd raken die de diameter van de bloedvaten regelen. Daarbij verwijden aders zich wanneer de lichaamstemperatuur toeneemt, bijvoorbeeld bij warm weer, in een warme kamer of bij te warme kleding. Ook koorts heeft dit effect.

Vermoeidheid, lichamelijke inspanning (waardoor de bloedvaten zich verwijden) of een overvloedige maaltijd (waardoor een grotere bloedtoevoer naar de darmen nodig is) kunnen ook bijdragen aan orthostatische hypotensie.

Symptomen en diagnose

De meeste mensen met orthostatische hypotensie hebben last van zwakte, een licht gevoel in het hoofd, duizeligheid, verwardheid of wazig zien wanneer ze te abrupt opstaan uit bed of nadat ze lang hebben gezeten. De symptomen zijn heviger als ze vermoeid zijn, zich hebben ingespannen, alcohol hebben gedronken of een zware maaltijd hebben genuttigd. Als de bloedtoevoer naar de hersenen sterk daalt, kan de patiënt flauwvallen of zelfs stuipen krijgen.

Deze symptomen wijzen op orthostatische hypotensie. Ter bevestiging kan worden gemeten of de bloeddruk sterk daalt wanneer de patiënt rechtop gaat staan en weer normaal wordt wanneer de patiënt gaat liggen. De arts probeert vervolgens de oorzaak van de orthostatische hypotensie te achterhalen, omdat deze bepalend is voor behandeling en prognose.

Behandeling

Ook wanneer de oorzaak van de orthostatische hypotensie niet kan worden aangepakt, kan men vaak toch met bepaalde maatregelen de symptomen doen verminderen of verdwijnen. Zo kan iemand met orthostatische hypotensie beter niet te snel opstaan of rechtop gaan zitten en niet te lang achter elkaar stil blijven staan. Zo iemand moet langzaam gaan zitten of opstaan. Het dragen van speciaal aangemeten elastische kousen (steunkousen) tot aan het middel kan ophoping van bloed in de beenaders tegengaan. Als de orthostatische hypotensie het gevolg is van een langdurige periode van bedrust, kan het helpen als de patiënt elke dag iets langer rechtop gaat zitten.

Het bloedvolume kan door diverse maatregelen op peil worden gehouden. Mensen met orthostatische hypotensie dienen veel vocht in te nemen en weinig of geen alcohol te drinken. Wanneer er geen sprake is van hartfalen of hoge bloeddruk, wordt vaak geadviseerd ruim zout aan het eten toe te voegen of zouttabletten te nemen. Dit moet echter onder toezicht van een arts gebeuren, want zoutrijke voeding kan leiden tot hartfalen (see Hartfalen), vooral bij ouderen. Bij mensen met ernstige symptomen kan het bloedvolume worden verhoogd door hormonen te gebruiken die ervoor zorgen dat het lichaam meer zout vasthoudt, zoals fludrocortison. Maar het gebruik van dergelijke hormonen leidt tot een verhoogd risico van hartfalen, vooral bij ouderen en mensen met een hartaandoening. Ook kan het gebruik van fludrocortison tot verlies van kalium leiden, zodat de patiënt soms extra kalium moet slikken. Tegelijk met fludrocortison wordt soms midodrine voorgeschreven om bloeddrukdaling te voorkomen. Midodrine vernauwt de kleine slagaders, zodat ze minder bloed kunnen bevatten en het bloed meer weerstand ondervindt.

Als deze maatregelen niet helpen, zijn er nog andere geneesmiddelen met uiteenlopende werking beschikbaar voor de behandeling van orthostatische hypotensie, zoals pindolol, dihydro-ergotamine, ibuprofen en clonidine. Maar door het risico van bijwerkingen kan het gebruik van deze middelen, vooral door ouderen, soms onwenselijk zijn.

Last full review/revision February 2003

Back to Top

Previous: Flauwvallen

Next: Postprandiale hypotensie

Figures
Tables
Disclaimer