THE MERCK MANUAL MEDICAL LIBRARY: The Merck Manual of Medical Information--Home Edition
Tips for better results

Section

Subject

Topics

Blaasontsteking (cystitis)

Cystitis is een infectie van de urineblaas.

Blaasontsteking is een veelvoorkomende aandoening bij vrouwen, vooral tijdens de vruchtbare jaren. Sommige vrouwen hebben recidiverende blaasontstekingen. Dit heeft een aantal oorzaken: de korte lengte van de plasbuis en het feit dat de urethra vlak bij twee bacterierijke gebieden, de anus en de vagina, ligt. Ook geslachtsgemeenschap kan aan blaasontsteking bijdragen omdat de plasbuis door de bewegingen hierbij licht beschadigd kan raken en bacteriën vaak tot de blaas opstijgen. Vooral zwangere vrouwen krijgen gemakkelijk blaasontsteking doordat de zwangerschap zelf ervoor kan zorgen dat de blaas niet goed kan worden geleegd.

Door het gebruik van een pessarium neemt het risico van blaasontsteking toe, mogelijk doordat het bij het pessarium gebruikte zaaddodende middel de normale vaginabacteriën onderdrukt. Daardoor krijgen bacteriën die blaasontsteking veroorzaken alle ruimte. Het komt slechts zelden voor dat blaasontsteking recidiveert door een abnormale verbinding tussen de blaas en de vagina (vesicovaginale fistel).

Blaasontsteking komt bij mannen minder vaak voor. Bij mannen begint blaasontsteking meestal met een infectie van de plasbuis die zich naar de prostaat en vervolgens naar de blaas verplaatst. De meest voorkomende oorzaak van een recidiverende blaasontsteking bij mannen is een aanhoudende bacteriële infectie van de prostaat. Hoewel door antibiotica de bacteriën snel uit de urine in de blaas verdwijnen, kunnen de meeste antibiotica niet diep genoeg in de prostaat doordringen om de infectie daar te genezen. Nadat de behandeling met deze middelen is beëindigd, kunnen de in de prostaat achtergebleven bacteriën de blaas daarom opnieuw infecteren. Blaasontsteking kan ook worden veroorzaakt door een katheter of door een operatie-instrument waarmee bacteriën in de blaas worden gebracht.

Als de urinestroom gedeeltelijk door een niersteen of een vergrote prostaat wordt geblokkeerd, kan geïnfecteerde urine niet passeren en neemt het aantal bacteriën toe. Daardoor ontstaat er een grotere kans op infectie boven de afsluiting.

Zowel bij mannen als bij vrouwen kan een abnormale verbinding ontstaan tussen de blaas en de darm (vesico-intestinale fistel), waardoor er lucht in de blaas kan komen. Soms komen er zo ook gasproducerende bacteriën in de blaas die zich daar vermeerderen. Er kunnen luchtbelletjes in de urine verschijnen (pneumaturie). Door een structurele afwijking (zoals een baarmoeder- of een blaasverzakking) kan het moeilijk zijn de blaas goed te legen, waardoor de kans op blaasontsteking toeneemt.

Soms kan de blaas ontstoken raken zonder dat er een infectie is (interstitiële blaasontsteking).

Symptomen

Blaasontsteking veroorzaakt meestal een frequente, hevige aandrang tot urineren en een brandend of pijnlijk gevoel tijdens het urineren. Door de hevige aandrang kan onwillekeurig verlies van urine (incontinentie) ontstaan, vooral bij ouderen. Koorts komt zelden voor. De pijn treedt meestal op boven het schaambeen en vaak ook onder in de rug. Frequente urinelozing tijdens de nacht (nycturie) is ook een symptoom. De urine is vaak troebel en bevat bij ongeveer 30% van de patiënten zichtbaar bloed. De symptomen kunnen zonder behandeling verdwijnen.

Soms, vooral bij ouderen, veroorzaakt blaasontsteking geen symptomen en wordt de aandoening ontdekt wanneer er om een andere reden urineonderzoek wordt gedaan. Een patiënt met een slecht functionerende blaas door zenuwbeschadiging (neurogene blaas (see Urine-incontinentieSidebar)) of een patiënt met een verblijfskatheter kan symptoomloze blaasontsteking hebben totdat er een nierinfectie of onverklaarde koorts ontstaat.

Diagnostisch onderzoek

De diagnose ‘blaasontsteking' kan worden gesteld op basis van de kenmerkende symptomen. Er wordt een monster van de midstraalurine (een gewassen middenportie (see Symptomen en diagnose bij aandoeningen van de nieren en de urinewegenSidebar)) afgenomen, zodat de urine niet met bacteriën uit de vagina of het uiteinde van de penis is verontreinigd. Soms wordt een teststrip in de urine gedoopt om de urine snel en eenvoudig te onderzoeken op twee stoffen die er normaal niet in zitten. Met de teststrip kunnen nitrieten worden gevonden die door bacteriën worden geproduceerd. Met de teststrip kan ook de aanwezigheid van leukocytesterase (een enzym in bepaalde witte bloedcellen) worden aangetoond, wat erop kan duiden dat het lichaam probeert de urine van bacteriën te ontdoen.

Het urinemonster wordt onder een microscoop onderzocht om te zien of de urine rode of witte bloedcellen of andere stoffen bevat. De bacteriën worden geteld en het soort bacterie wordt vastgesteld door een urinemonster op kweek te zetten. Als er een infectie bestaat, zijn er meestal grote aantallen van één soort bacterie aanwezig.

Bij mannen is een monster van de midstraalurine meestal voldoende om de diagnose te stellen. Bij vrouwen is de kans groter dat het urinemonster vervuild is met bacteriën uit de vagina of de schaamspleet. Wanneer de urine slechts weinig bacteriën of verschillende soorten bacteriën tegelijkertijd bevat, is de urine waarschijnlijk tijdens het afnemen verontreinigd. Om er zeker van te zijn dat de urine niet is verontreinigd, wordt bij vrouwen een urinemonster soms met een katheter direct uit de blaas afgenomen.

Er is een aantal categorieën patiënten bij wie het belangrijk is de oorzaak van de urineweginfectie te vinden: kinderen jonger dan vijf jaar, mannen van alle leeftijden en vrouwen met vaak terugkerende infecties (drie keer of vaker per jaar), vooral wanneer de blaasontsteking gepaard gaat met symptomen van een afsluiting, een hogere urineweginfectie of een infectie met de bacterie Proteus. Bij deze groepen is de kans groter dat er een oorzaak wordt gevonden waarbij een andere specifieke behandeling nodig is dan toediening van geneesmiddelen om de infectie te bestrijden (een niersteen bijvoorbeeld). Er kan röntgenonderzoek worden gedaan waarbij een (röntgenologisch zichtbare) contrastvloeistof in een ader wordt ingespoten. De kleurstof wordt vervolgens door de nieren in de urine uitgescheiden. De röntgenopnamen leveren dan afbeeldingen op van de nieren, de urineleiders en de blaas. Bij mictiecystografie wordt een contrastvloeistof in de blaas gebracht en worden opnamen van de urinelozing gemaakt. Deze methode is vooral bij kinderen geschikt om de terugvloed van urine uit de blaas de urineleiders in (reflux) te onderzoeken en om een vernauwing (strictuur) van de plasbuis zichtbaar te maken. Retrograde urethrografie, waarbij een contrastvloeistof rechtstreeks in de plasbuis wordt gespoten, kan worden toegepast om bij zowel mannen als vrouwen vernauwingen, uitstulpingen of een abnormale verbinding (fistel) van de plasbuis op te sporen. Wanneer de blaasontsteking door behandeling niet verbetert, kan het probleem worden opgespoord door met een flexibele kijkbuis (cystoscoop) rechtstreeks in de blaas te kijken.

Behandeling

Patiënten die vaak een blaasontsteking hebben, moeten soms langdurig een lage dosering antibiotica gebruiken. Het antibioticum kan dagelijks, driemaal per week of direct na geslachtsgemeenschap worden ingenomen.

Veel drinken kan blaasontsteking helpen voorkomen. Met de urine worden dan veel bacteriën uit de blaas weggespoeld, waarna het natuurlijke afweersysteem van het lichaam de rest verwijdert.

Blaasontsteking wordt gewoonlijk met antibiotica behandeld. Behandeling van blaasontsteking zonder symptomen kan schadelijk zijn omdat dat de groei kan bevorderen van bacteriën die resistent zijn tegen veel soorten antibiotica. Tijdens zwangerschap wordt blaasontsteking echter wel behandeld, ook als de patiënt geen symptomen heeft, omdat dan het risico groter is dat bacteriën de nieren bereiken en deze infecteren. Voordat antibiotica worden voorgeschreven, wordt onderzocht of er een aandoening bestaat die een blaasontsteking kan verergeren, zoals een structurele afwijking, diabetes mellitus of een verzwakt immuunsysteem (waardoor het vermogen om een infectie te bestrijden afneemt). Bij dergelijke aandoeningen kan een langdurige behandeling met krachtigere antibiotica nodig zijn, vooral omdat de infectie anders waarschijnlijk weer terugkomt zodra toediening van de antibiotica wordt gestaakt.

Bij vrouwen is een oraal ingenomen antibioticum gedurende drie dagen meestal voldoende als de infectie geen complicaties heeft veroorzaakt, maar er zijn ook artsen die liever een eenmalige dosis voorschrijven. Bij hardnekkigere infecties wordt het antibioticum meestal voor 7 tot 10 dagen voorgeschreven. Bij mannen wordt meestal 10 tot 14 dagen een antibioticum gegeven, omdat er bij een kortere behandeling vaak recidieven optreden.

Diverse geneesmiddelen worden gebruikt om symptomen (vooral frequente, aanhoudende aandrang en pijnlijk urineren) te verlichten. Bepaalde geneesmiddelen, zoals atropine, zorgen soms voor verlichting van de blaaskrampen die het gevoel van hevige aandrang veroorzaken. Andere middelen, zoals fenazopyridine, verlichten de pijn door de ontstoken weefsels tot rust te brengen.

Operatief ingrijpen kan noodzakelijk zijn om een fysieke belemmering van de urinestroom te verhelpen of om een structurele afwijking te corrigeren die een grotere kans op infecties veroorzaakt, zoals een baarmoeder- of blaasverzakking. Door urine uit een afgesloten gebied via een katheter af te voeren kan de infectie onder controle worden gehouden. Meestal wordt vóór een operatie een antibioticum toegediend om het risico te verkleinen dat de infectie zich door het gehele lichaam verspreidt.

illustrative-material.sidebar 2

Blaasinfecties bij vrouwen voorkómen

Bij vrouwen die drie keer of vaker per jaar een blaasinfectie hebben, kunnen de volgende maatregelen helpen:

  • cranberrysap drinken. Dit sap maakt de urine zuur (waardoor bacteriën er minder gemakkelijk kunnen groeien) en bevat een stof die de groei van bacteriën rechtstreeks remt
  • meer vocht gebruiken
  • vaak urineren
  • kort na geslachtsgemeenschap urineren
  • geen pessarium met zaaddodende middelen als anticonceptie gebruiken
  • continu een lage dosis antibiotica gebruiken. De jaarlijkse kosten bedragen slechts een kwart van de behandelkosten van drie of vier infecties per jaar. Het antibioticum wordt gewoonlijk dagelijks, driemaal per week of direct na geslachtsgemeenschap ingenomen

illustrative-material.sidebar 3

Interstitiële cystitis: blaasontsteking, geen infectie

Interstitiële cystitis is een pijnlijke ontsteking van de blaas zonder tekenen van infectie. De oorzaak is niet bekend. In de urine worden geen infectieuze organismen gevonden. De aandoening treedt gewoonlijk op bij vrouwen van middelbare leeftijd, bij mannen komt deze aandoening zeer zelden voor.

De symptomen omvatten zeer frequente, pijnlijke urinelozingen. Bij microscopisch onderzoek blijkt de urine vaak bloed en blaaswandcellen te bevatten. Soms is bloed met het blote oog in de urine zichtbaar. Na verloop van tijd krimpt de blaas door de chronische ontstekingsreactie. Bij blaasonderzoek met de cystoscoop kunnen kleine oppervlakkige bloedinkjes en zweertjes te zien zijn.

Diverse behandelingen zijn geprobeerd, maar er is nog geen standaardbehandeling gevonden. Pijnstillers, anticholinergica of antidepressiva helpen soms. Pentosanpolysulfaat is een recenter ontwikkeld oraal geneesmiddel dat bij sommige patiënten tegen de pijn helpt. Via een katheter wordt pentosanpolysulfaatoplossing gedurende 1 uur in de blaas gelaten. Deze oplossing moet daarna worden uitgeplast. Sommige patiënten hebben baat bij dimethylsulfoxide, een middel dat rechtstreeks in de blaas wordt gebracht. Wanneer de patiënt onverdraaglijke symptomen heeft die niet op behandeling reageren, kan het nodig zijn de blaas operatief te verwijderen. Dit komt zelden voor. Als het toch noodzakelijk is, kan een nieuwe blaas worden gevormd uit een stukje dunne darm (het ileum) of kan er een slangetje rechtstreeks in de nier worden geplaatst zodat de urine uitwendig in een zakje kan worden opgevangen.

Last full review/revision February 2003

Back to Top

Previous: Ontsteking van de plasbuis (urethritis)

Next: Ontsteking van de urineleider (ureteritis)

Figures
Tables
Disclaimer