THE MERCK MANUAL MEDICAL LIBRARY: The Merck Manual of Medical Information--Home Edition
Tips for better results

Section

Subject

Topics

Tumoren van dikke darm en endeldarm

Bijna alle colorectale tumoren zijn adenocarcinomen, die ontstaan in het slijmvlies dat de dikke darm (colon) en de endeldarm (het rectum) bekleedt. Colorectale kanker manifesteert zich meestal als een knoopvormig gezwel aan het oppervlak van het slijmvlies van de darm of het rectum of op een poliep. Een groeiend gezwel dringt de wand van de darm of van het rectum binnen. Ook nabijgelegen lymfeklieren kunnen worden aangetast. Omdat het bloed van de darmwand en van een groot deel van het rectum naar de lever wordt gevoerd, zaait colorectale kanker zich doorgaans uit naar de lever, kort nadat het zich naar nabijgelegen lymfeklieren heeft uitgezaaid.

In de westerse landen is kanker van de dikke darm en van het rectum de op één na meest voorkomende vorm van kanker en de op één na meest voorkomende aan kanker gerelateerde doodsoorzaak. In Nederland vormt deze soort kanker 12% van de doodsoorzaken. Het aantal gevallen (incidentie) van colorectale kanker neemt toe na de leeftijd van 40 jaar en bereikt een maximum tussen de leeftijd van 60 en 75 jaar. In de totale bevolking van Nederland ziet men ongeveer 50 nieuwe gevallen van colorectale kanker op 100.000 mensen per jaar. Colonkanker komt vaker voor bij vrouwen, terwijl rectumkanker vaker bij mannen voorkomt. Ongeveer 5% van de mensen met colorectale kanker heeft gezwellen op twee of meer plaatsen in het colon en het rectum, die niet van de ene plaats naar de andere lijken te zijn verspreid.

Risicofactoren

Mensen bij wie colorectale kanker in de familie voorkomt, hebben een hoger risico van deze vorm van kanker. Ook wanneer er poliepen in de familie voorkomen (see Poliepen van dikke darm en endeldarm), is het risico van colorectale kanker verhoogd. Patiënten met colitis ulcerosa of met de ziekte van Crohn hebben ook een verhoogd risico. Dit risico hangt samen met de leeftijd waarop de ziekte ontstond en hoe lang de patiënt de ziekte heeft gehad.

De mensen met het hoogste risico houden er meestal een vetrijk, vezelarm dieet op na. Ook een grotere blootstelling aan lucht- en watervervuiling, in het bijzonder aan industriële kankerverwekkende stoffen (carcinogenen), kan een rol spelen.

Symptomen

Colorectale kanker groeit langzaam en veroorzaakt lange tijd geen symptomen. De symptomen zijn afhankelijk van het type, de plaats en de uitgebreidheid van het kankergezwel.

Vermoeidheid en zwakte als gevolg van occulte bloedingen (bloedingen die met het blote oog niet zichtbaar zijn) kunnen de enige symptomen van de patiënt zijn. Een tumor in het linker colon (colon descendens) zal waarschijnlijk in een eerder stadium een afsluiting veroorzaken, omdat het linker colon een kleinere diameter heeft en de ontlasting hier halfvast is. De tumor heeft de neiging dit deel van het colon te omcirkelen en veroorzaakt afwisselend obstipatie en frequente defecaties voordat de afsluiting ontstaat. De patiënt zoekt mogelijk medische hulp wegens buikkramp of ernstige buikpijn en obstipatie. Een tumor in het rechter colon (colon ascendens) veroorzaakt pas laat in het verloop van de ziekte een afsluiting, omdat het rechter colon een grotere diameter heeft en de darminhoud vloeibaar is. Tegen de tijd dat de tumor wordt ontdekt, kan deze inmiddels zo groot zijn dat de arts deze door de buikwand kan voelen.

De meeste colongezwellen bloeden, meestal langzaam. De ontlasting is mogelijk met bloed vermengd of bevat bloedsporen, maar vaak is het bloed niet zichtbaar. De ontlasting moet dan worden onderzocht op occult bloed (see Onderzoek naar occult bloed). Het meest voorkomende symptoom bij rectumkanker is bloedverlies tijdens de stoelgang. Bij rectaal bloedverlies houden artsen bij hun differentiële diagnose altijd rekening met kanker, zelfs wanneer bekend is dat de patiënt aambeien, diverticulose of diverticulitis heeft. Een pijnlijke stoelgang en het gevoel dat het rectum niet volledig is geleegd, zijn andere symptomen van rectumkanker. Zitten kan pijnlijk zijn, maar verder ondervindt de patiënt doorgaans geen pijn van de tumor zelf, tenzij deze naar weefsels buiten het rectum is uitgegroeid.

Diagnose

Een vroege diagnose is afhankelijk van routineonderzoek. De ontlasting kan worden onderzocht op occult bloed. Voor nauwkeurige resultaten eet de patiënt gedurende drie dagen een vezelrijk dieet zonder rood vlees voordat een monster van zijn ontlasting wordt onderzocht. Als alternatief kan de arts ontlasting onderzoeken die is verzameld tijdens rectaal onderzoek, waarbij de arts een gehandschoende vinger in het rectum van de patiënt inbrengt. Als bloed wordt ontdekt, is verder onderzoek nodig.

Sigmoïdoscopie (onderzoek van het laatste gedeelte van de dikke darm met behulp van een kijkbuis) is een ander diagnostisch onderzoek dat wordt uitgevoerd. Mensen met een verhoogd risico kunnen coloscopie ondergaan, waarbij de gehele dikke darm wordt onderzocht. Sommige gezwellen die kwaadaardig lijken, worden weggenomen met behulp van chirurgische instrumenten die via de coloscoop worden ingebracht. De overige gezwellen vereisen normaal operatief ingrijpen.

Bloedonderzoek wordt niet gebruikt bij de diagnostiek van colorectale kanker, maar kan de arts wel helpen om de effectiviteit van de behandeling te controleren nadat een tumor is verwijderd. Als bijvoorbeeld de spiegel van het carcino-embryonaal antigeen (CEA) vóór een operatie om een bekend gezwel te verwijderen hoog is en na de operatie laag, kan controle op een nieuwe verhoging van de CEA-spiegel helpen om vast te stellen of de kanker snel terugkeert. Twee andere tumormarkers, CA 19-9 en CA-125, zijn vergelijkbaar met CEA. Hun spiegels zijn soms verhoogd bij colorectale kanker.

Prognose en behandeling

De kans dat colonkanker geneest, is het grootst als de tumor in een vroeg stadium wordt verwijderd, voordat deze zich heeft uitgezaaid. Tumoren die diep in de wand van het colon zijn binnengedrongen of door de wand zijn gegroeid, hebben zich vaak uitgezaaid, ook als er geen metastasen (uitzaaiingen) kunnen worden opgespoord. Een operatieve ingreep, de belangrijkste behandeling van colorectale kanker, leidt in ongeveer 70% van de gevallen tot genezing.

Bij de meeste gevallen van colorectale kanker worden het aangetaste darmgedeelte en eventuele nabijgelegen lymfeklieren verwijderd en worden de overblijvende uiteinden van de darm met elkaar verbonden. Bij mensen met colonkanker die de wand van de dikke darm is binnengedrongen en die zich heeft uitgezaaid naar een zeer beperkt aantal nabijgelegen lymfeklieren, kan chemotherapie na operatieve verwijdering van alle zichtbare tumoren de levensduur verlengen, hoewel de effecten van deze behandelingen vaak gering zijn.

Bij rectumkanker hangt het type ingreep af van hoever het carcinoom van de anus is verwijderd en hoe diep het in de wand van het rectum is binnengedrongen. Bij volledige verwijdering van het rectum en de anus moet de patiënt leren leven met een permanente colostoma (een operatief aangelegde verbindingsopening tussen de dikke darm en de buikwand). De inhoud van de dikke darm komt via de buikwand in een colostomazak terecht. Indien mogelijk wordt echter slechts een deel van het rectum verwijderd, zodat de anus en een rectale ‘stomp' intact blijven. De overblijvende stomp van het rectum wordt dan weer met het einde van de dikke darm verbonden.

Wanneer rectumkanker de rectumwand is binnengedrongen en zich heeft uitgezaaid naar een zeer beperkt aantal nabijgelegen lymfeklieren, kan chemotherapie na operatieve verwijdering van alle zichtbare tumoren de levensduur verlengen. Na operatieve verwijdering van de zichtbare rectumkanker kan ook met radiotherapie de groei van overgebleven tumoren worden afgeremd, de terugkeer van kanker worden vertraagd en de levensduur worden verlengd.

Wanneer de kanker zich heeft uitgezaaid naar lymfeklieren ver van het colon of het rectum, naar het vlies dat de buikwand bekleedt of naar andere organen, kan de kanker niet worden genezen met chirurgie alleen. De overlevingsduur is doorgaans ongeveer zeven maanden. Chemotherapie met fluorouracil (soms ook met een ander geneesmiddel) kan na een operatie in verband met colorectale kanker die sterk is uitgezaaid onderdeel van de behandeling vormen, maar meestal heeft deze therapie weinig effect op de levensduur. Meestal bespreekt de arts stervensbegeleiding met de patiënt, de familie en andere zorgverleners (see Introductie). Zelfs wanneer de kanker zich uitgebreid heeft verspreid, wordt soms een operatie uitgevoerd om de darmafsluiting op te heffen en de symptomen te verlichten.

Wanneer kanker zich naar de lever heeft uitgezaaid, kunnen chemotherapeutische middelen rechtstreeks worden geïnjecteerd in de slagader die de lever van bloed voorziet. Door een klein pompje, dat via een ingreep onder de huid kan wordt ingebracht of dat aan een riem kan worden gedragen, kan de patiënt tijdens de behandeling mobiel blijven. Deze behandeling heeft mogelijk meer effect dan gewone chemotherapie, maar verder onderzoek is nog nodig. Wanneer de kanker zich tot voorbij de lever heeft uitgezaaid, heeft deze benadering geen voordelen meer.

Voor patiënten die door hun slechte gezondheid niet kunnen worden geopereerd, kan de behandeling bestaan uit desiccatie, een techniek waarbij men de tumor laat uitdrogen en krimpen. Desiccatie wordt uitgevoerd met een sonde die een elektrische stroom op het oppervlak van de tumor zet (coagulatie) of met een apparaat dat de tumor met geëlektrificeerd argongas (argonplasmacoagulatie) uitdroogt. Beide apparaten kunnen via een coloscoop worden ingebracht. Desiccatie kan de symptomen verlichten en de levensduur verlengen doordat de tumormassa wordt verminderd, maar de techniek geneest de kanker slechts zelden. Als er weinig levermetastasen zijn, wordt ook wel chirurgische verwijdering (resectie) van de metastasen toegepast.

illustrative-material.figure-short 1

Stadia van colonkanker

Stadia van colonkanker

Stadium 0: de kanker is beperkt tot de binnenste laag (slijmvlies) van de dikke darm (colon) die de poliep bedekt. Meer dan 95% van de patiënten met kanker in dit stadium is na minstens vijf jaar nog in leven.

Stadium 1: de kanker breidt zich uit naar de ruimte tussen de binnenste laag en de spierlaag van de dikke darm (deze ruimte bevat bloedvaten, zenuwen en lymfevaten). Meer dan 90% van de patiënten met kanker in dit stadium is na minstens vijf jaar nog in leven.

Stadium 2: de kanker dringt de spierlaag en de buitenste laag van het colon binnen. Ongeveer 55 tot 85% van de patiënten met kanker in dit stadium is na minstens vijf jaar nog in leven.

Stadium 3: de kanker breidt zich via de buitenste laag van het colon uit naar nabijgelegen lymfeklieren. Ongeveer 20 tot 55% van de patiënten met kanker in dit stadium is na minstens vijf jaar nog in leven.

Stadium 4 (niet weergegeven): de kanker zaait zich uit naar andere organen, zoals de lever, longen of eierstokken, of naar het vlies dat de buikholte bedekt (peritoneum). Minder dan 1% van de patiënten met kanker in dit stadium is na minstens vijf jaar nog in leven.

illustrative-material.figure-short 2

Wat is colostomie?

Wat is colostomie?

Bij een colostomie wordt de dikke darm (colon) doorgesneden. Het deel dat op de dikke darm aangesloten blijft, wordt naar het huidoppervlak gebracht door een daar gevormde opening. Het betreffende gedeelte wordt vervolgens aan de huid vastgehecht. Ontlasting komt via de opening in een wegwerpzak terecht.

Last full review/revision February 2003

Back to Top

Previous: Poliepen van dikke darm en endeldarm

Next: Kanker van de anus

Figures
Tables
Disclaimer