THE MERCK MANUAL MEDICAL LIBRARY: The Merck Manual of Medical Information--Home Edition
Tips for better results

Section

Subject

Topics

Vormen van pijn

Er bestaan diverse vormen van pijn, waaronder nociceptieve pijn (bijvoorbeeld pijn na een operatie of door kanker veroorzaakte pijn), neuropathische pijn (bijvoorbeeld ischias (see Lage rugpijnFigures)) en psychogene pijn.

Nociceptieve pijn

Nociceptieve pijn wordt veroorzaakt door een verwonding van de weefsels.

De verwonding kan een snijwond, bloeduitstorting, botbreuk, verbrijzeling, brandwond of andere vorm van weefselbeschadiging zijn. Dit type pijn is meestal schrijnend, scherp of kloppend. De meeste pijn is nociceptieve pijn. De pijnreceptoren voor weefselbeschadiging (nociceptoren) bevinden zich voornamelijk in de huid en de inwendige organen.

De pijn die bij vrijwel iedereen na een operatie optreedt, is nociceptieve pijn. De pijn kan zowel constant als met tussenpozen optreden en wordt vaak erger bij bewegen, hoesten, lachen of diep inademen of wanneer het verband op de operatiewond wordt verwisseld.

Ook de pijn die door kanker wordt veroorzaakt, is meestal nociceptieve pijn. Wanneer een tumor botten en organen binnendringt, kan hierdoor pijn ontstaan die varieert van licht ongemak tot hevige, onophoudelijke pijn. Sommige behandelingen van kanker, bijvoorbeeld operatief ingrijpen en bestraling, kunnen ook nociceptieve pijn veroorzaken.

Neurogene pijn

Neurogene pijn is het gevolg van afwijkingen in de zenuwen, het ruggenmerg of de hersenen.

Neurogene pijn kan zich voordoen als een branderig of tintelend gevoel of als overgevoeligheid voor aanraking en koude. Tot neurogene pijn behoren ook syndromen als fantoompijn, postherpetische neuralgie, sympathische reflexdystrofie en causalgie.

Fantoompijn wordt gevoeld in een geamputeerd lichaamsdeel, meestal een arm of een been. Deze pijn is niet hetzelfde als de vaker voorkomende fantoomsensatie, het gevoel dat het geamputeerde deel nog aan het lichaam zit. Fantoompijn kan niet het gevolg zijn van een probleem in de arm of het been. De pijn moet worden veroorzaakt door een verandering in het zenuwstelsel boven de plaats waar het betreffende ledemaat werd geamputeerd. De hersenen komen tot de onjuiste interpretatie dat de zenuwprikkels afkomstig zijn van de geamputeerde ledemaat. De pijn wordt meestal gevoeld in de tenen, enkel en voet van een geamputeerd been of de vingers en hand van een geamputeerde arm. De pijn kan aanvoelen als knijpend, brandend of drukkend, maar is vaak anders dan de pijn die de persoon ooit eerder heeft ervaren. Bij sommige mensen treedt fantoompijn minder vaak op naarmate de tijd verstrijkt, bij anderen blijft de pijn daarentegen bestaan. Soms helpt massage, maar soms is behandeling met geneesmiddelen noodzakelijk.

Postherpetische neuralgie is het gevolg van herpes zoster (gordelroos), een aandoening die ontsteking van het zenuwweefsel veroorzaakt. De pijn wordt ervaren als een constante, diepe, schrijnende of brandende pijn, als een scherpe en onderbroken pijn of als overgevoeligheid voor aanraking of koude. De pijn kan slopend zijn.

Sympathische reflexdystrofie (complex regionaal pijnsyndroom type 1) en causalgie (complex regionaal pijnsyndroom type 2) zijn chronische pijnsyndromen. Ze worden gedefinieerd als een aanhoudende, brandende pijn die gepaard gaat met bepaalde afwijkingen in het gebied waar de pijn wordt ervaren. Deze afwijkingen kunnen bestaan uit verminderde of toegenomen transpiratie, zwelling, veranderingen in de huidkleur en beschadiging van haar, huid, nagels, spieren en botten (onder meer verlies van spier- en botmassa). Beide syndromen treden meestal op na een verwonding. Sympathische reflexdystrofie ontstaat door verwonding van ander weefsel dan het zenuwweefsel (zoals bij het schouder-handsyndroom). Causalgie wordt veroorzaakt door verwonding van zenuwweefsel.

Sommige vormen van sympathische reflexdystrofie en causalgie worden verergerd door de activiteit van het sympathische zenuwstelsel, dat het lichaam normaal voorbereidt op een crisis of noodsituatie (fight-or-flight-situatie). De arts kan daarom een behandeling door middel van sympathische zenuwblokkade aanraden (see Pijnbestrijding zonder pijnstillers).

Psychogene pijn

Psychogene pijn hangt grotendeels of geheel samen met een psychische aandoening.

Pijn wordt omschreven als psychogeen wanneer de patiënt aanhoudend pijn heeft en er sprake is van een psychische stoornis, maar zonder aanwijzingen voor een aandoening die de pijn zou kunnen veroorzaken. Pijn is zelden uitsluitend psychogeen. In veel gevallen heeft de pijn een lichamelijke oorzaak, maar blijkt uit de beoordeling van de arts dat de ervaren pijn en invaliditeit niet in verhouding staan met wat de meeste mensen met eenzelfde aandoening aangeven. Soms wordt deze vorm van pijn beschreven als een ‘chronisch pijnsyndroom'. Psychische factoren dragen vaak bij tot invaliditeit en verergering van de pijnklachten. Elke pijnsoort kan door psychische factoren worden gecompliceerd. Zelfs als de arts vermoedt dat de pijn psychogeen is, zal hij onderzoeken of er een lichamelijke aandoening is die aan de pijn bijdraagt.

Het feit dat de pijn door psychische factoren wordt veroorzaakt of verergerd, betekent niet dat die pijn niet echt is. De meeste mensen die aangeven pijn te hebben, voelen deze ook echt, zelfs als er geen lichamelijke oorzaak kan worden ontdekt. Ook pijn die door psychische factoren wordt gecompliceerd, vraagt om behandeling. Vaak zal hierbij een psycholoog of psychiater worden geraadpleegd. Net als bij andere behandelingen voor chronische pijn geldt dat de behandeling van deze vorm van pijn van persoon tot persoon verschilt en dat de arts de behandeling afstemt op de behoefte van de patiënt. Bij de meeste mensen met chronische psychogene pijn heeft de behandeling tot doel het welbevinden en het lichamelijke en geestelijke functioneren te verbeteren. De arts kan specifieke adviezen geven over hoe de lichamelijke en sociale activiteiten geleidelijk kunnen worden uitgebreid. De patiënt kan worden behandeld met of juist zonder geneesmiddelen, bijvoorbeeld door middel van biofeedback, ontspanningstherapie, afleiding, hypnose, transcutane elektrische neurostimulatie (TENS) of fysiotherapie. Vaak is psychologische begeleiding noodzakelijk.

Last full review/revision February 2003

Back to Top

Previous: Beoordeling van pijn

Next: Behandeling van pijn

Figures
Tables
Disclaimer